“We kunnen en willen ons geen andere baan voorstellen”

Marlous de Jong en Alina Visser, kinderverpleegkundigen UMCG

‘”Wat zielig en zwaar. Ik zou de hele dag kunnen huilen. Doen jullie dat?” Deze vragen worden regelmatig gesteld als je vertelt dat je kinderverpleegkundige ben met als specialisatie cardiologie (kinderen met een hartafwijking) en oncologie (kinderen met kinderkanker) in het UMCG. Het antwoord is: “Nee, wij huilen niet de hele dag. Wij hebben juist ontzettend veel plezier in ons werk.”’

‘Soms moet je weleens een potje huilen.’
‘Natuurlijk is het werk niet altijd leuk. Je bent regelmatig aanwezig bij moeilijke gesprekken, hebt ook gevoel en we zullen niet ontkennen dat je (achter gesloten deuren) weleens een potje moet huilen. Maar er worden ook veel kinderen beter en dan zwaai je ze vrolijk uit! Op die momenten ben je heel dankbaar dat je kinderverpleegkundige bent!’

‘Er zijn mensen die denken dat je de hele dag niks anders doet dan poep, plas en spuug opruimen. Dat hoort ook zeker bij de taken (al zijn er op de kinderafdeling vaak ook ouders in de buurt om het samen mee te doen) maar je doet zoveel meer! Van het bewaken van de hartslag, temperatuur en bloeddruk, handelen in situaties wanneer het niet zo goed gaat, zoals laatst toen een kindje allergisch reageerde op medicijnen en helemaal bont en gevlekt werd. Het begeleiden van ouders, assisteren en opleiden van collega’s, deelnemen aan overleggen tot het discussiëren met dokters over wat het beste is voor de kinderen op de afdeling; het behoort allemaal tot je taken. En zeker niet onbelangrijk, veel lol maken met kinderen, bijvoorbeeld de collega’s die er dan zijn even in de maling nemen met een grote spuit water! Even een lach op die mooie koppies toveren!’

‘Kinderen zijn eerlijk.’
‘Gelukkig overheersen de vrolijke, gekke en grappige momenten. Kinderen zijn eerlijk, recht voor zijn raap en als ze zich ook maar een klein beetje beter voelen, crossen ze met fietsjes over de gang en mag je wel uitkijken dat ze niet over je tenen rijden. Soms zelfs met de nodige medische infuuspalen en katheterzakken achter op de fiets.’

‘Net zoals ieder ander ooit een carrièrerichting heeft gekozen, kozen wij deze carrièrerichting. Je moet ons ook niet de hele dag achter een computer zetten of als juf voor 30 stuiterende schoolkinderen. Dat kunnen we niet. Het werk dat we doen is niet altijd gemakkelijk en vaak ook lastig uit te leggen, als je vraagt wat voor werk we doen en of het dan niet erg zwaar werk is. Maar we krijgen van de kinderen zoveel terug dat we ons geen andere baan kunnen en willen voorstellen. Hoe ziek kinderen ook zijn, ze vinden altijd wel iets om blij voor te zijn op een dag! Geluk zit in kleine dingen, dat kunnen wij grote mensen van onze geliefde kleine mensen leren!’